Alchemistische gebeden
brave## Gebeden
Om het volbrengen van het werk
Waar U ook bent,
alles wordt tot volmaaktheid gebracht.
Moge het rijk van Uw Kennis
aan U onderworpen worden.
Moge onze wil in al ons werk louter U zijn,
zelfbewegende Kracht van het Licht!
Lofprijzingen
laus et gratiarum actio
Lof, eer en oneindige dankzegging
zij de Allerhoogste God,
die de wateren heeft doen rusten
en de hemelse Geest
een aards fundament heeft verleend.
Want zie: het vluchtige is vast geworden,
het verborgene is geopenbaard,
en het etherische licht
heeft zich bekleed met een onvergankelijk lichaam.
Wat ontbonden was,
is opnieuw verenigd in een volmaakte rust.
Aan U, Schepper van hemel en aarde,
die de dauw doet stollen tot een levende steen,
zij alle glorie,
van eeuwigheid tot eeuwigheid.
Dankgebed na de arbeid
Wij betuigen U dank,
allerhoogste en almachtige God,
want slechts door uw genade
zijn wij tot het licht van uw kennis gekomen.
Heilig en eerbiedwaardig is uw naam,
de enige naam waarmee God alleen
geprezen dient te worden.
Dankgebeden
Dankgebed voor de fixatie
Eeuwige Bron van Vorm en Kracht,
wij danken U met een stil en eerbiedig hart.
Het vuur heeft zijn werk gedaan,
de rook is neergedaald,
en wat rusteloos ronddwaalde
heeft zijn eeuwige woonplaats gevonden
in de zuivere materie.
Dank voor de genade van de fixatie,
waardoor het vluchtige de hitte
heeft overwonnen en onbeweeglijk is geworden.
Laat dit tastbare bewijs van Uw wet
een baken zijn voor onze innerlijke mens:
dat onze geest even standvastig
en onwankelbaar mag wortelen
in Uw Waarheid als dit goud in de aarde.
Dankgebed voor de wedergeboorte
Dank U, Vader,
energie van al mijn krachten;
Dank U, God,
kracht van al mijn handelen!
U die het Al bijeenbrengt,
die de hemelen hebt gewelfd
en de Aarde hebt gefixeerd en vastgezet,
zodat de heilige schepping
vorm en vastheid verkreeg.
Uw Geest spreekt door mij,
Uw Woord bezingt de Schepping.
Ontvang van mij dit geestelijke spraakoffer,
nu het Werk in mij is neergedaald
en standvastig is geworden in Uw Licht.
Dankgebed voor de Zoon
Gezegend de Bron van alle wording,
want de arbeid van het huwelijk draagt vrucht,
wat uiteen lag, vindt aardbodem in de Ander.
Dank voor het zaad dat ontkiemt in het duister,
dank voor de afgodsbeelden,
afgelegd en vergaan.
Zie, uit het wedervloeien van de uitersten
ontwaakt het wonder:
Want een kind is ons geboren,
een zoon aan ons gegeven,
nu komt de heerschappij op zijn schouder.