🜃 🜁 Het onstuimig vat
🜃 🜂 🜃 🜍 ☽
In de overlading van de geest
en het verloren gewaande goud,
keert het zaad terug in de akker
om aldaar te sterven -
en te kiemen in de duisternis. 🜃
De ongerichte duisternis
waar de hitte zich verspreidt 🜂
door de gehele materie.
en zij vluchten wil in afleiding
in ombuiging door de wil
in verdringing door de lusten.
Maar geenszins laat zij zich zo misbruiken;
blijft ze in het vat 🜃
terwijl de kern zich ontkiemt. 🜍
Haar warme aarde, verhit door de zon
vraagt om het licht van de maan; ☽
in stille getuigenis van haar beelden.